Extra slootnatuur in stad lost trits problemen op

De bebouwde omgeving heeft nog plek voor 1800 hectare aan slootnatuur, stelt adviesbureau KAW. Daarmee kan volgens het architecten- en adviesbureau een groot deel van de wateroverlast, hittestress én geldverspilling worden voorkomen.

Veel geld gaat nu naar civieltechnische methoden, zoals het dekanaliseren van rivieren, het versterken en verhogen van dijken en het vergroten van riolen voor piekbelastingen, terwijl er 1800 hectare aan sloten kan worden ontwikkeld. Die slootnatuur is volgens KAW ook nog effectiever tegen wateroverlast en hittestress.

Daarnaast krijgt de biodiversiteit een impuls, stelt Reimar von Meding, directeur van KAW. Hij baseert zich op een onderzoek dat KAW op dit moment aan het afronden is, getiteld Ruimte voor de Sloot. Volgens Von Meding kunnen en moeten water en wijkvernieuwing samengaan. ‘Van dijken naar wijken’, zo houdt hij waterschappen door heel Nederland voor op uitnodiging. Von Meding: ‘Waar we met lede ogen aanzien dat op het platteland waterbergingsopslagruimte verdwijnt door boeren die sloten dichtgooien, kunnen we met wijkvernieuwing juist een positieve bijdrage leveren, en beter met water omgaan.’

Stenen offeren

De uitkomsten van het Ruimte voor de Sloot-onderzoek zijn verbluffend, aldus Von Meding. ‘Als we de verouderde naoorlogse wijken in Nederland (1945-1980) gebruiken om de woningnood te ledigen en circa 800.000 woningen extra realiseren door onder andere chirurgisch bijbouwen, herstructureren, splitsen of optoppen kunnen we -als we die opgave goed en duurzaam uitvoeren- tegelijkertijd 1.800 hectare aan slootnatuur toevoegen aan de stad. wat zorgt voor een enorme waterbergingscapaciteit, het tegengaan van hitteproblematiek en een fikse impuls voor de biodiversiteit. Daarvoor worden asfalt, beton en straatstenen, die heel rijkelijk aanwezig zijn in deze wijken, geofferd.’

Ook de energietransitie waar we middenin zitten, biedt een onverwachte kans om slimmer met water om te gaan, zegt Von Meding. ‘Indien we binnen de klimaatdoelstellingen willen blijven, kunnen we niet langer traditioneel isolatiemateriaal toepassen dat CO2 uitstoot. Als je daarentegen gebruik maakt van biobased producten dan kan dat wel en zelfs met gewassen die in Nederland worden geteeld en CO2 opslaan. Dat zou daarnaast een enorme boost geven aan de landbouwtransitie. Een interessant bijeffect is dat deze biobased gewassen op veel nattere gronden kunnen worden verbouwd dan traditionele landbouwgewassen. De grondwaterstanden kunnen daarmee structureel een heel stuk hoger worden gehouden, wat het bufferend vermogen van waterschappen enorm zou vergroten.’

Hoop geld besparen

Von Meding, die met KAW integraal denkt en naar eigen zeggen probeert verschillende maatschappelijke uitdagingen te combineren in een sociale en duurzame totaaloplossing, zet de voordelen op een rijtje. ‘Als je steden verdicht met betaalbare, installatie-arme en CO2-neutrale woningen zoals wij dat doen en tegelijkertijd groen en water toevoegt, draag je bij aan betaalbaar wonen daar wat nodig is, zorg je voor natuurinclusieve en klimaatadaptieve wijken, ga je bodemdaling tegen en ontstaat een dempend effect op de civieltechnische ingrepen die op termijn nodig zijn om in de rivierdelta Nederland te kunnen blijven wonen en bestaan.’

Von Meding vervolgt: ‘Met de aanpak die wij voorstaan, bespaar je een hoop geld, oftewel maatschappelijke middelen. Op dit moment investeren we als maatschappij miljarden euro’s in methoden om wateroverschotten te bufferen, zoals het dekanaliseren van rivieren. Ook komende generaties zullen veel geld moeten besteden aan het versterken en verhogen van dijken en civieltechnische oplossingen zoals het vergroten van riolen voor piekbelastingen. Een deel van dit geld kan beter nu worden aangewend om straks problemen te voorkomen. Hiermee ontstaan win-win oplossingen voor extra woningen, groen en water en daarmee biodiversiteit en gezondheid. We zouden het perspectief moeten verleggen van dijken naar wijken, zoals ik veel waterschappen al heb voorgehouden.’

Vlaardingen

De gedachte van Het Ruimte voor de Sloot-onderzoek van KAW wordt al in de praktijk gebracht in het wijkvernieuwingsproject in de Vlaardingse naoorlogse buurt MUWI1. Von Meding: ‘Hier bleek dat we ondanks dat we flink verdichten en veel woningen toevoegen, we het aandeel verharding substantieel kunnen terugbrengen. We creëren veel extra slootnatuur met natte milieus voor bedreigde soorten. Daardoor hoeven riolen niet te worden verzwaard omdat de waterafvoer binnen het plangebied kan worden opgelost.’

‘In het Ruimte voor de Sloot-onderzoek hebben we dit fenomeen getoetst aan de hand van alle naoorlogse Nederlandse buurten die we eerder bekeken en onderzochten in onze grote Ruimte Zat in de Stad-onderzoeken, waarmee we aantoonden dat de bestaande stad ruimte heeft voor minimaal 800.000 extra woningen. Wij kwamen erachter dat op elke 100 woningen die je toevoegt je de mogelijkheid hebt om gemiddeld 4.000 vierkante meter extra slootnatuur te realiseren. Dat betekent dat de bestaande stad in totaal ruimte biedt aan 1.800 hectare extra slootnatuur.’

Achter parkeren

In MUWI1 parkeren de bewoners hun auto straks achter hun huis in plaats van voor in de brede straten die nu nog overal dwars door de buurt snijden. Die straten worden groenzones, waarin het water kan infiltreren en naar de sloten wordt geleid. Deze sloten veranderen van afvoerkanalen naar grote, natte biotopen die ruimte bieden voor én meer waterbuffering én meer biodiversiteit. Piekbelastingen in neerslag worden natuurlijk opgevangen met een systeem dat bestaat uit retentie, infiltratie, buffering en afvoer. In de nieuwe stadsnatuur keren onder andere vogels, salamanders en egels terug.

KAW’s nieuwe stadssloot ziet er heel anders uit dan de traditionele met zijn steile kades. ‘Die van ons is veel breder en loopt geleidelijk over in natuur en kan zo veel meer water aan in tijden van overvloedige regenval. Leefruimte voor amfibieën wordt steeds schaarser. Je hebt hiervoor ruimte nodig die soms droog en soms nat kan zijn. Hier gedijen kikkers, maar ook andere flora en fauna, die het nu moeilijk hebben in Nederland heel goed. In feite ontstaan er een soort parken in elke wijk met niet alleen sloot en wadi’s, maar ook met bomen, wandel- en fietspaden, zitbankjes. Die wijkparken kun je desgewenst op elkaar aansluiten waardoor er een grote groene stadszone ontstaat waar je doorheen kunt lopen of fietsen zonder een auto tegen te komen’, aldus Von Meding.