Woningcorporaties hebben in de eerste helft van dit jaar 11% meer nieuwbouwwoningen opgeleverd, meldt het CBS. Hun aandeel in de totale woningbouw is nog nooit zo groot geweest, maar de Woonbond vraagt zich af of het genoeg is in een markt waar de sociale huursector sterk is gekrompen.
In de eerste helft van 2025 zijn er 9.125 nieuwbouwhuurwoningen van woningcorporaties bijgekomen, tegen 8.205 in de eerste helft van vorig jaar. De gegevens komen uit een nieuw onderzoek op verzoek van het ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening. Daaruit blijkt dat de corporaties een positieve uitzondering vormen, want de eerste zes maanden van dit jaar leverden 31.550 nieuwbouwwoningen op. Dat is het laagste aantal nieuwbouwwoningen in een half jaar sinds 2018. Kanttekening is dat er in de tweede helft van het jaar meestal meer nieuwbouwwoningen worden opgeleverd.
Groter aandeel
De corporaties hebben hun aandeel in de nieuwbouw vergroot tot 29% (was 25%). Nog nooit was het aandeel van corporatiewoningen zo groot. In gemeenten als Woerden, Leiderdorp en Krimpen aan den IJssel waren zelfs alle nieuwbouwwoningen van een corporatie.
In absolute zin zijn in Amsterdam en Enschede de meeste corporatiewoningen opgeleverd. In Amsterdam ging het om 1.105 woningen op een totaal van 3.145 nieuwbouwhuizen, Enschede kreeg er 260 corporatie-nieuwbouw bij op een totaal van 455 woningen. Ook in Gouda, Almere, Nijmegen, Tilburg en Nijkerk kwamen er 200 of meer corporatiewoningen bij.
In sterk stedelijke gemeenten is 35% van de nieuwbouwwoningen in handen van corporaties. In zeer sterk stedelijke gemeenten is dat 30%, in minder stedelijke gemeenten ligt het aandeel tussen de 22 en 26%.
Nul corporatiewoningen in Den Haag en Alphen
Den Haag, Haarlemmermeer, Alphen aan den Rijn en Westland vormen het andere uiterste: daar zijn meer dan 300 nieuwbouwwoningen opgeleverd, maar die zijn allemaal van een andere eigenaar dan een woningcorporatie. In Utrecht is slechts 5% van de 1.270 opgeleverde nieuwbouwwoningen eigendom van een corporatie. De Domstad is wel de nummer 2 als het gaat om het totale aantal nieuwe woningen, voor Rotterdam (1.100). Ook daar is het aandeel van corporaties met 120 stuks vrij mager.
In 46 gemeenten werd helemaal geen nieuwbouw opgeleverd. Behalve perifere gebieden als Vaals, Stadskanaal en Vlieland zien we daar ook plaatsen opduiken als Leiden en Lelystad.
‘Nog steeds te weinig’
De Woonbond stelt in een reactie dat corporaties nog altijd te weinig woningen bouwen om de wooncrisis op te lossen en dat er meer politieke daadkracht nodig is. ‘We kampen al jaren met een wooncrisis. Toch gaat er geen euro subsidie naar corporaties om woningen te bouwen. Opeenvolgende kabinetten hebben verzaakt te investeren in de sociale huursector en hebben huurders juist uitgeknepen. Zij en de woningzoekenden betalen nu de prijs’, aldus directeur Zeno Winkels.
Bijna overal krimpt sociale huursector
De stelling van de Woonbond wordt ondersteund door Cody Hochstenbach van de UvA, die onderzoek deed naar de ontwikkeling van de sociale huurvoorraad. Ondanks de hoge nieuwbouwambities krimpt de sociale huursector structureel, zo is de conclusie.
Het aandeel sociale huurwoningen is de afgelopen jaren in nagenoeg heel Nederland afgenomen. In 2012 waren er nog 103 gemeenten (30%) die voldeden aan het landelijke beleidsdoel van minimaal 30% sociale huur. In 2023 ging het nog maar om 61 gemeenten (18% van het totaal) met minimaal 30% sociale huur.
Tussen 2012 en 2023 nam in 91% van de gemeenten het percentage sociale huur af. Bij de 31 gemeenten waar het aandeel wel toenam, ging het bijna altijd om een zeer geringe toename. De sterkste deden zich voor in Gorinchem (-9,1 procentpunt), het inmiddels in Amsterdam opgegane Weesp (-8 procentpunt), Zeist (-7,1 procentpunt), Vlaardingen (-6,4 procentpunt) en Amsterdam (-6,2 procentpunt).
