Zolang de Algemene Politieke Beschouwingen vooral bestuurlijke onmacht demonstreren, kunnen we het beter hebben over inhoudelijke beschouwingen. Zo leverde Matthijs Korevaar, woningmarkteconoom aan de Erasmus Universiteit, een fantastische bijdrage. Kort door de bocht: hij laat zien dat het Haagse woningbeleid niet over wonen gaat, maar over inkomenspolitiek.
Korevaar onderzocht de effecten van overheidsmaatregelen en sociale huurbeperkingen sinds 2015. Hierdoor lopen de woningcorporaties jaarlijks zo’n € 4 mrd aan huurinkomsten mis. Zittende huurders krijgen deze miljardensubsidie, ongeacht of zij dat nodig hebben.
Inkomenspolitiek met woonsubsidies is een recept voor mislukking. Woningsubsidies lopen snel in de miljarden, en komen maar al te vaak in de verkeerde zakken. Soms lokken ze zelfs crimineel gedrag uit. Een huurcontract met parkeerplaats in de grote steden is een fortuin waard. Korevaar becijfert dat de huurprijzen bij corporaties gemiddeld 40% lager liggen dan voor woningen in de private huursector.
De corporaties moeten deze miljarden aan gederfde huur ophoesten uit hun reserves. Uit onderzoek dat prof. Johan Conijn in november publiceerde in PropertyNL, bleek al dat corporaties die investeren in nieuwe woningen aan financiële slagkracht inboeten. Zij halen hun nieuwbouwprognoses niet, laat staan dat ze nog iets aan verduurzaming kunnen doen.
De miljarden aan weggelekte huren moeten ergens vandaan komen. Corporaties hebben maar één loket: steun van de overheid. Die laat zich in de Miljoenennota niet onbetuigd. Er komt tot en met 2035 € 7 mrd vrij en corporaties krijgen door de maatregelen € 28 mrd extra investeringscapaciteit, rekent minister Elanor Boekholt-O’Sullivan voor.
Dat lijkt veel. Menig corporatie reageerde dan ook positief, maar het is zo’n € 10 mrd te weinig om de € 4 mrd huurderving per jaar te compenseren. Laat staan dat er nog iets overschiet voor private investeerders. Volgens de minister komt er voor private investeerders ‘meer ruimte voor woningbouw’, maar hoeveel ruimte zegt ze niet.
De woningmarkt is daarmee voor corporaties een dolgedraaide carrousel van geldstromen met indirecte huursubsidies en stimuleringsregelingen. Voor private beleggers blijft de woningmarkt een riskante operatie door onduidelijk fiscaal overheidsbeleid. ‘Iedereen verdient een dak boven z’n hoofd’, zegt de minister, maar ze vergeet dat dit alleen lukt als iedere corporatie en belegger ook een eerlijke boterham verdient.
Gepubliceerd in PropertyNL Magazine nr. 9, 25 september 2026
