Woningdeposito in VS snelst bijeen, in Europa grote verschillen

De VS is wereldwijd het land waar huizenkopers het snelst een aanbetaling voor een woning bijeen kunnen sparen. In Europa lopen de mogelijkheden sterk uiteen.

Wie in de VS een gemiddelde woning wil kopen, hoeft volgens onderzoek van online vergelijkingsplatform en beoordelingssite BestBrokers theoretisch slechts negen maanden aan bruto-inkomen opzij te zetten voor een aanbetaling van 20%. De gemiddelde woning kost daar omgerekend € 280.947, waardoor een aanbetaling uitkomt op € 56.189.

Voor het onderzoek zijn gemiddelde woningprijzen en bruto-inkomens in 130 landen met elkaar vergeleken. Daarbij is berekend hoeveel maanden inkomen nodig zijn om een aanbetaling van 20% bijeen te sparen. De onderzoekers baseren zich onder meer op woningprijsgegevens van Numbeo, de grootste online database ter wereld voor gegevens over steden en landen.

Grote verschillen

Binnen Europa zijn de verschillen aanzienlijk. In Moldavië zijn 71 maanden aan bruto-inkomen nodig om een aanbetaling van € 41.322 te sparen. Oekraïne volgt met 56 maanden, Kosovo met 55 maanden en Bosnië en Herzegovina met 53 maanden. In Montenegro en Servië gaat het om 51 maanden, terwijl Albanië op 50 maanden uitkomt. In Noord-Macedonië en Belarus zijn 46 maanden nodig. Kroatië sluit de top tien af met 40 maanden.

Aan de andere kant van de Europese ranglijst staat Isle of Man. Daar komt een aanbetaling van 20% overeen met 11 maanden bruto-inkomen. San Marino volgt met 12 maanden en Ierland met 13 maanden. In Noorwegen zijn 16 maanden nodig en in België 17 maanden. Verder behoren de Faeröer en Zweden, met respectievelijk 17 en 18 maanden, tot de landen waar relatief snel voor een aanbetaling kan worden gespaard. Italië en Denemarken staan beide op 19 maanden, terwijl Finland en IJsland 20 maanden nodig hebben.

Woonlasten EU

Volgens het aangeleverde onderzoek zijn de huizenprijzen in de EU tussen 2015 en 2024 met 53% gestegen. Ook in 2026 blijft de druk op de woningmarkt groot. In het eerste kwartaal van dit jaar stegen de huizenprijzen in de EU volgens de aangeleverde cijfers met 5,1% op jaarbasis, terwijl de huren met 3% toenamen.

De betaalbaarheid verschilt daarbij sterk per land. Griekenland heeft volgens Eurostat de hoogste woonlasten in Europa: 26,9% van de stedelijke bevolking besteedt meer dan 40% van het huishoudinkomen aan huisvesting. Denemarken volgt met 25,3%, Zwitserland met 18,2%, Noorwegen met 17,5% en het Verenigd Koninkrijk met 16,2%. Nederland doet het relatief goed ten opzichte van omringende landen. Ons land staat met 8,8% in de middenmoot.

In Kroatië en Cyprus is het aandeel het laagst. Daar besteedt 2,6% van de stedelijke bevolking meer dan 40% van het huishoudinkomen aan huisvesting.

'De mondiale woningproblematiek is de afgelopen jaren geëscaleerd tot een wooncrisis, vooral in sommige Europese landen en Aziatische megasteden waar de nieuwbouw de vraag niet kan bijbenen', zegt Alan Goldberg, hoofdanalist en auteur van het onderzoek bij BestBrokers. Volgens Goldberg gaat de discussie daardoor niet langer alleen over de vraag of mensen een woning kunnen kopen, maar ook of zij het zich kunnen veroorloven om in de buurt van hun werk te wonen. 'Een aanbetaling van 20% kan een bruikbare maatstaf zijn, maar voor huishoudens die al zwaar worden belast door huur is het opbouwen van zo'n spaarpot veel moeilijker dan de cijfers suggereren.'

De onderzoekers wijzen er bovendien op dat vooral jonge Europeanen met een dubbele druk te maken hebben. Terwijl zij proberen geld opzij te zetten voor een aanbetaling, nemen tegelijkertijd de woonlasten en andere dagelijkse uitgaven toe.