Het biedlogboek biedt woningkopers en -verkopers in de praktijk onvoldoende bescherming, meent de Vereniging Eigen Huis (VEH).
Uit nieuw onderzoek onder mensen die vorig jaar een bod uitbrachten op een koopwoning blijkt dat slechts 32% het biedlogboek ontving na afloop van het verkoopproces, terwijl de meeste makelaars verplicht zijn het te verstrekken. Daarom pleit de vereniging voor een wet die het biedproces vastlegt.
Het biedlogboek werd in 2023 jaar geleden ingevoerd in een poging het vertrouwen in de verkoop van woningen aan particulieren te verhogen, na jarenlange signalen over oneerlijke handelspraktijken. Maar ruim drie jaar later ziet de VEH nog maar weinig vooruitgang. Hoewel het biedlogboek verplicht is voor makelaars aangesloten bij een branchevereniging (NVM en Vastgoed Nederland), ontvangt slechts 32% het biedlogboek na afloop van het koopproces. Van die groep krijgt 41% het logboek pas na actief navragen. ‘Het biedlogboek werkt alleen als het voor iedereen hetzelfde werkt en automatisch wordt gedeeld. Zolang het niet uniform, volledig en consequent wordt toegepast, schieten consumenten daar te weinig mee op. Zonder één duidelijke standaard en handhaving blijft transparantie afhankelijk van de werkwijze van de individuele makelaar’, zo verklaart een ontevreden Cindy Kremer, algemeen directeur van Vereniging Eigen Huis.
Volgens haar is het biedlogboek wel bekend, en wordt het – als mensen het ontvangen - ook bekeken (87%), maar biedt het onvoldoende bescherming tegen misstanden. Er zijn bij de VEH meldingen gedaan over bieders die onder druk zijn gezet op basis van concurrerende biedingen, die achteraf niet blijken te kloppen. Ook worden winnende biedingen opvallend vaak na de deadline gedaan. Bovendien zijn biedlogboeken geregeld onvolledig: biedingen of (ontbindende) voorwaarden ontbreken. Ook moeten mensen het document vaak zelf opvragen of ze krijgen het niet.
Zij meent dat het probleem niet alleen zit in de omgang met het biedlogboek, maar ook in het gebruik van verschillende biedmethodes. Met name de biedmethode waarbij de makelaar tussentijds biedingen kan inzien, geeft ruimte voor ruis en beïnvloeding. De vereniging pleit al langer voor het uitsluiten van deze methode. Daarnaast gebruiken makelaars verschillende biedplatforms en werkwijzen rond bezichtigingen, informatieverstrekking en het moment waarop biedingen ‘definitief’ zijn.
‘Die verschillen maken het voor kopers en verkopers lastig om te begrijpen welke spelregels gelden en bemoeilijken controle achteraf’, aldus Kremer. ‘Wij roepen daarom het kabinet en de Tweede Kamer op om het biedproces wettelijk vast te leggen, met één uniforme standaard voor alle makelaars én handhaving. Dat betekent: onafhankelijk toezicht op makelaars, zodat regels niet vrijblijvend zijn en misstanden daadwerkelijk worden aangepakt.’
