De directeur van de Dutch Green Building Council, Brigit Gerritse, stond deze week voor een onmogelijke opgave. Hoe een ‘groen’ congres te organiseren zonder dat de aanwezigen met klimaatverlammingsverschijnselen de zaal verlaten?
Dat is haar en haar team gelukt in Almere, waar zij 400 mensen uit het vastgoed op de been bracht. ‘De grootste duurzaamheidsafdeling van Nederland’, zo introduceerde Gerritse haar groene club. De Green Building Council kent vele internationale vertakkingen, die nergens zo succesvol zijn als in Nederland. Dat klinkt goed, maar de praktijk van vergroening is weerbarstiger dan ooit, zo meent hoofdredacteur Wabe van Enk van PropertyNL. Daarom was het knap van organisatoren dat de aanwezigen ‘verbeelding’ in plaats van ‘verlamming’ kregen voorgeschoteld, waarbij het niet bij woorden bleef, maar ook de praktijk niet vergeten werd.
Klimaateffectatlas
In tijden waarin ‘duurzaamheid’ steeds minder idealisten op de been brengt, werd de show gestolen door Aniek Moonen (voorzitter van de Jonge Klimaatbeweging). Zij ging de ‘klimaatverlamming’ te lijf, zodat ook ouderen ‘verbeeldingskracht’ konden ontwikkelen. Voor wie dat wat abstract in de oren klonk, was de Klimaateffectatlas een tastbaar handvat.
Jeroen Haan, voorzitter van de Unie van Waterschappen, kreeg deze digitale atlas ‘uitgereikt’, waar alle gebouweigenaren hun voordeel mee kunnen doen. De kaarten laten zien hoeveel water op straat kan komen te staan bij korte, extreme regenval. Met de atlas krijgen overheden, woningcorporaties en beleggers inzicht in de risico’s van wateroverlast. Dat vereist echter wel dat de partijen bereid zijn om daar iets mee te doen, en de indruk bestaat dat sommige partijen liever hun kop in het zand steken.
Haan legde uit dat we ons moeten voorbereiden op een klimaatopgave die steeds groter wordt. ‘Het weer wordt extremer, het wordt droger maar ook natter. Dat kan leiden tot aanzienlijke schade en zelfs slachtoffers. De waterdieptekaarten maken inzichtelijk waar wateroverlast kan optreden en waar problemen kunnen ontstaan.’
Stoeptegel
Jan Kadijk, manager kennis en innovatie bij de DGBC, maakte dat nog verder tastbaar met de stoeptegel. ‘Korte, extreme regenbuien vormen een toenemend risico voor de gebouwde omgeving. Met deze waterdieptekaarten hebben we nu bijna per stoeptegel een beeld van de waterdieptes die kunnen optreden. Dat detailniveau maakt deze kaarten heel bruikbaar voor vastgoedpartijen. Zij zullen moeten beoordelen hoe kwetsbaar hun pand is voor extreme regenval.’
Draagvlak
De Klimaateffectatlas is een voorbeeld van hoe de DGBC partijen kan mobiliseren. Bij de atlas zijn het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Rijksvastgoedbedrijf, Verbond van Verzekeraars, de banken en de grote beleggers betrokken.
Het DGBC-congres illustreerde zelf ook het draagvlak door de betrokkenheid van veel grote ontwikkelaars (met Dura Vermeer dit keer in de voorhoede) en veel steden en provincies (met Flevoland in de voorhoede).
Weinig corporaties
Tot slot nog een kritische noot. Wie laten het afweten? Ik telde maar een paar corporaties. Met een enthousiaste voorzitter (Liesbeth Spies) moeten de corporaties toch een veel grotere inbreng kunnen hebben dan nu het geval is in de duurzame toekomst van de gebouwde omgeving.
