Overheden zijn tuk op institutionele beleggers die hen willen helpen met het opkrikken van onder meer infrastructuur en defensiecapaciteit. Experts zien kansen voor deze zogeheten real assets maar wijzen ook op de kerntaak van pensioenfondsen.
Hoogleraren Piet Eichholtz, Dirk Brounen en Nils Kok organiseerden ruim een week geleden namens het Maastricht Centre for Real Estate (MCRE, Universiteit van Maastricht) een bijeenkomst over “institutional investment in real assets”.
Tijdens de sessie voor investeerders kwamen verschillende inzichten naar voren. Zo stelde Piet Eichholtz dat infrastructurele beleggingen snel aan belang winnen als beleggingscategorie, met niet alleen aantrekkelijke langetermijnrendementen, maar ook directe maatschappelijke impact, bijvoorbeeld in de energietransitie.
Mist van benchmarks
Daarnaast wees Alexander Carlo, onderzoeker aan de MCRE, op de aanhoudende uitdagingen rond het benchmarken van real assets, wat volgens hem leidt tot een “fog of benchmarking”.
Onno Steenbeek (APG asset management) benadrukte dat overheden institutionele beleggers steeds vaker willen betrekken bij publieke opgaven, maar dat de economische realiteit dit niet altijd ondersteunt. Pensioenfondsen hebben immers een fiduciaire plicht en zijn 'geen geldautomaat.'
Ook werd besproken dat home bias nog altijd sterk aanwezig is bij institutionele beleggers zoals Pensioenfonds ABP, terwijl internationale diversificatie juist belangrijk blijft.
Nieuwe capaciteit
Verder onderstreepte Aleksandar Andonov, hoogleraar Financial Institutions & Portfolio Management aan de UvA, het belang van additionaliteit: investeren in nieuwe capaciteit in plaats van bestaande assets. In de Verenigde Staten blijkt private equity vooral bij te dragen aan nieuwe energieproductie, waaronder gas en hernieuwbare energie, terwijl andere beleggers daar minder actief in zijn.
Tot slot kwam naar voren dat beleggers vaak terughoudend zijn bij development risk, terwijl juist daar kapitaal nodig is binnen real assets.
