Inspraak komt tegen een prijs. Letterlijk. De gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat kan na 7 jaar vertraging van start maar de rekensommen moeten opnieuw gemaakt worden.
De Raad van State heeft de stikstofcompensatie in de Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat (GOL) goedgekeurd. Eerder stemde zij al in met de inhoudelijke plannen.
Om de kwaliteit van de omgeving rond de A59 (tussen Den Bosch en Waalwijk) te verbeteren, is het programma Gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat (GOL) ontwikkeld, gericht op de drie doelen natuur, water en verkeer. Het plan verbetert niet alleen de bereikbaarheid van het gebied, de veiligheid rondom gevaarlijke op- en afritten en meer doorstroming van het verkeer op de A59.
Honderden nieuwe woningen
Daarnaast zorgt het plan ook voor behoud van natuur, waterberging, meer mogelijkheden voor recreatie en economische activiteiten en een betere leefbaarheid in de kernen. Ook is met de goedkeuring van GOL de weg vrij om honderden nieuwe woningen te bouwen in de nieuwe wijk De Grassen in Heusden.
Het plan kent een een lange geschiedenis. De samenwerkingsovereenkomst werd al eind 2012 getekend. De opdracht voor de uitvoering van GOL is in maart 2020 gegund aan aannemerscombinatie Mourik-Besix. Op dat moment was de verwachting dat er een onherroepelijke uitspraak zou komen van de Raad van State in het najaar van 2020.
De aannemer deed al voorbereidende werkzaamheden, zoals gebiedsonderzoek en het maken van ontwerpen. In overleg met de aannemerscombinatie wordt nu een planning gemaakt voor het uitvoeren van de werkzaamheden.
Extra geld nodig
Het totale benodigde budget is in 2020 begroot op circa € 118 miljoen. Dit bedrag is niet meer toereikend. Provinciale Staten en de gemeenteraden van Waalwijk en Heusden zullen gevraagd worden in te stemmen met het benodigde extra budget.
'Het heeft bijna 7 jaar geduurd na besluitvorming, 7 jaar vertraging en oplopende kosten', aldus Johan Meesters, wethouder Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting in Heusden, via LinkedIn. 'Het recht om bezwaar te kunnen maken is een groot goed in onze democratische rechtsstaat, tegelijkertijd komt het ook met een prijs. Maar nu weten we waar we aan toe zijn en kunnen we verder.'