Rotterdam behaalt opnieuw huisvestingsnorm statushouders

De gemeente Rotterdam heeft in 2025 opnieuw de taakstelling voor de huisvesting van statushouders volledig gerealiseerd. In 2025 kregen alle 1.040 statushouders voor wie Rotterdam verantwoordelijk was, een woonplek in de stad.

Tijdens de hele collegeperiode heeft Rotterdam voldaan aan de taakstelling die het Rijk oplegt voor de huisvesting van statushouders. In 2022 was er een taakstelling van 861 (+97 gehuisvest), in 2023 1337 (+56) en in 2024 1265 (+7). Als een gemeente meer statushouders huisvest dan vereist, wordt deze voorsprong verrekend met de taakstelling van het daaropvolgende jaar. Zo werd de taakstelling voor 2025 bijgesteld: van 1.047 naar 1.040, na aftrek van de voorsprong uit 2024.

Sociale huurwoningen

De huisvesting van statushouders wordt grotendeels gerealiseerd via sociale huurwoningen van woningcorporaties. Met de corporaties zijn duidelijke verdeelafspraken gemaakt over de vrijkomende woningen. Door de aanhoudende wooncrisis is het aanbod van sociale huurwoningen alleen niet voldoende, daarom zet Rotterdam aanvullend in op alternatieve huisvestingsvormen. Zo beheert de gemeente een doorstroomlocatie in een leegstaand kantoorgebouw, met eenpersoonskamers en gedeelde voorzieningen (maximaal 1 jaar verblijf), een transformatielocatie in een voormalig verzorgingshuis, met eenpersoonsstudio’s (maximaal 2 jaar verblijf) en maakt zij gebruik van plekken in leegstandsbeheerlocaties.

Het Rijk verdeelt twee keer per jaar de taakstelling voor hun huisvesting over alle gemeenten in Nederland. Deze verdeling gebeurt evenredig op basis van het inwoneraantal. Met 3,7% van de Nederlandse bevolking krijgt Rotterdam hetzelfde percentage van de landelijke taakstelling toebedeeld. In 2025 waren er landelijk 28.000 statushouders, dat betekent 1.047 statushouders (na verrekening: 1.040) voor Rotterdam.

Meer gezinnen

De meeste statushouders die aan Rotterdam zijn gekoppeld, zijn afkomstig uit landen als Eritrea, Syrië, Afghanistan, Somalië, Iran en Turkije. In 2025 was de samenstelling van de groep anders dan in voorgaande jaren. Waar eerder ongeveer 70% van de statushouders alleenstaand of alleen gaand was, bestond de groep dit jaar voor een groter deel uit gezinnen met kinderen. Dit komt doordat de IND een inhaalslag heeft gemaakt bij de behandeling van aanvragen voor gezinshereniging.