De gemeente Rijswijk mag in het Havenkwartier tot 199 woningen gaan realiseren, heeft de Raad van State geoordeeld. Die verwierp bezwaren van twee nabijgelegen bedrijven.
De gemeente Rijswijk wil een gedeelte van het Havenkwartier gaan herontwikkelen van bedrijventerrein naar een mix van werken en wonen. Het plan voorziet in 199 woningen aan de Burgemeester Elsenlaan 325 met 350 m2 niet-woonfuncties in de plint. Daarvoor wordt een voormalig kantoorpand gesloopt. De gemeente tekende er in 2021 al een intentieovereenkomst over met ontwikkelcombinatie Novaform-Downtown.
Eigen plannen voor woningbouw gedwarsboomd
De bedrijven ZER en Atsa Infra, die in de buurt gevestigd zijn, vinden het geen goed plan. Dat is onderdeel van de eerste fase van de ontwikkeling van het Havenkwartier. Door het grote aantal woningen blijft er nog maar een beperkt aantal woningbouwmogelijkheden over voor fase 2, waar de gronden van ZER deel van uitmaken. De bedrijven vinden ook de woningdichtheid te hoog: dat ligt boven de in het ontwikkelkader opgenomen grens van 95 tot 120 woningen per hectare. Daarmee is de verdeling van woningen over het Havenkwartier niet evenredig.
Bezwaren zijn er ook tegen de koppeling van de bestaande parkeergarage aan de Steenplaetsstraat 6 met het in het bestemmingsplan voorziene gebouw. Daarmee worden de mogelijkheden voor ZER om woningen te bouwen op haar percelen belemmerd, is het betoog. Beide bedrijven vrezen dat de bouwhoogte van de parkeergarage en de verkeersstromen van en naar de parkeergarage zullen leiden tot nadelige gevolgen voor het woon- en leefklimaat van de toekomstige bewoners van de door ZER beoogde woningen.
Verdeling goed onderbouwd
Maar de Raad van State vindt dat de gemeente goed heeft uitgelegd waarom er 199 woningen komen. In de eerste fase is grotendeels sprake van een transformatie van leegstaand kantoorvastgoed en daarbij is bewust gekozen voor hoogbouw aan de randen van het Havenkwartier. In fase 2 wordt gekozen voor een hoger percentage bedrijfsmatige functies dan in de andere fasen, omdat dat beter aansluit bij de huidige situatie in het gebied waar fase 2 over gaat. Het lokale ontwikkelingskader vereist geen specifieke of gelijkmatige verdeling van woningen.
Geen parkeerproblemen
De parkeergarage past ook binnen de plannen, oordeelt de bestuursrechter. De door ZER gewenste woningbouw in de buurt van de parkeergarage is niet planologisch mogelijk gemaakt. 'In het belang van ZER om daar in de toekomst woningbouw te realiseren, heeft de raad bij de afweging van de betrokken belangen dan ook geen aanleiding hoeven zien om af te zien van de planologische mogelijkheid om de parkeerbehoefte van het plan op te vangen in de parkeergarage aan de Steenplaetsstraat.'
De Raad van State oordeelt verder dat het woongebouw niet te dicht bij de bedrijven komt te staan. Met betrekking tot eventuele geluidsoverlast is de afstand tot het bedrijf van ZER weliwaar minder dan de richtlijn van 50 meter, maar de gemeente heeft met een akoestisch onderzoek voldoende aangetoond dat dat geen problemen oplevert. Tot slot verwerpt de rechter ook het bezwaar dat er niet voldoende parkeerplaatsen zullen zijn in de nieuwe situatie. De gemeente gaat zelfs uit van meer parkeerplaatsen dan de bezwaarmakende bedrijven zelf.
