Volkshuisvestingsminister Elanor Boekholt-O'Sullivan gaat juridisch borgen dat gemeenten het toevoegen van woningen en woonplekken in bestaande gebouwen faciliteren en belemmeringen voor initiatiefnemers wegnemen.
Dat moet het beter benutten van de bestaande woningvoorraad makkelijker maken. Boekholt-O’Sullivan: 'Dit kabinet wil snel meer woningen toevoegen. Dat kan, als we beter gebruik maken van de vele gebouwen in Nederland die er al zijn. Helaas lopen te veel initiatieven nu stuk op onnodige regels en lange trajecten bij gemeenten. Dat moet makkelijker, zodat het toevoegen van woningen de standaard wordt in plaats van de uitzondering.'
Het ontbreekt gemeenten niet aan goede wil, aldus de minister, maar bestaande regels zitten vaak in de weg. 'Zo is het bij optoppen vaak vooraf onduidelijk onder welke voorwaarden een extra bouwlaag aanvaardbaar is. Hierdoor is voor afzonderlijke projecten een complex vergunningstraject nodig, met onzekerheid en langere doorlooptijden als gevolg.' Een ander voorbeeld is dat in sommige gemeenten maar één huishouden in één woning mag wonen. 'Hierdoor moet een vergunning worden aangevraagd als bijvoorbeeld twee of drie volwassenen met elkaar willen samenwonen en geen stel zijn. Dat belemmert woningdelen, terwijl dat niet altijd zo is bedoeld.'
Instructieregel
Hoe precies die juridische borging eruit gaat zien is de komende tijd onderwerp van gesprek met de VNG. 'Een instructieregel ligt daarvoor als instrument voor de hand. Ik weeg daarbij hoe belemmeringen het beste kunnen worden weggenomen, inclusief de voor- en nadelen, de uitvoerbaarheid en de verwachte effectiviteit van mogelijke uitwerkingen. Ook maak ik gebruik van de ervaringen die koplopergemeenten in de praktijk opdoen.' Gemeenten hoeven volgens Boekholt niet te wachten op de juridische uitwerking. 'Het kabinet helpt nu al beleidsmatig en financieel om optoppen, splitsen en woningdelen te versnellen. Gemeenten kunnen ondersteuning krijgen via het Nationaal Expertisecentrum Woningbouw (NEW). Ook financiële regelingen helpen om projecten van de grond te krijgen, zoals de Realisatiestimulans, de Stimuleringsregeling Flex- en transformatiewoningen en de Regeling Huisvesting Aandachtsgroepen.' Voor gemeenten is er verder hulp bij het in kaart brengen van kansen en het oplossen van veelvoorkomende knelpunten.
Landelijke Aanpak Beter Benutten
De bredere inzet om meer woningen en woonplekken mogelijk te maken binnen de bestaande gebouwde omgeving is onderdeel van de Landelijke Aanpak Beter Benutten. Zo stuurt de minister binnenkort het wetsvoorstel hospitaverhuur naar de Tweede Kamer voor behandeling, waarmee drempels om hospita te worden verlaagd worden. Daarnaast werd onlangs de inspiratiegids Wonen op erven, voor een vitaal buitengebied gelanceerd. Hiermee helpt het kabinet provincies en gemeenten om zorgvuldig af te wegen waar transformaties van boerenerven kunnen bijdragen aan de kwaliteit en vitaliteit van het buitengebied. De ervaringen die gemeenten opdoen met Beter Benutten deelt het kabinet met andere gemeenten.
Geen Utrechts model
Zeker is wel dat het Utrechtse model, waarbij overal woningdelen tot en met drie personen vergunningvrij wordt toegestaan, niet wordt overgenomen: 'Hoewel ik de Utrechtse aanpak omarm, vind ik het niet passend om dit model verplichtend op te leggen aan alle gemeenten. Gemeenten moeten namelijk ruimte behouden om lokale afwegingen te maken en beperkingen te stellen, bijvoorbeeld vanwege de leefbaarheid, als de lokale omstandigheden daartoe aanleiding geven.'
