De bouwproductie in Amsterdam daalt naar minder dan vierduizend woningen per jaar, als het toekomstige college van Pro Amsterdam en D66 vasthoudt aan de verdeling van 40% sociaal, 40% middensegment en 20% vrije sector. Daarvoor hebben Amvest, Vorm en Vastgoedbelang gewaarschuwd in gesprek met beide partijen over de woonopgave.
De marktreactie is pijnlijk voor Pro. GroenLinks en PvdA toonden zich in de verkiezingscampagne nadrukkelijk voorstander van het vasthouden aan de huidige bouwverdeling. Maar als het nieuwe college zich achter de wens schaart van D66 - verandering naar 30-40-30 – dan kan de productie omhoog naar jaarlijks negenduizend woningen.
Volgens Heleen Aarts (Amvest), Martijn Winnen (Vastgoedbelang) en Hans Meurs (Vorm) ligt de sleutel voor een hogere woningbouwproductie in drie samenhangende keuzes: minder stapeling van regels en beleidsambities, meer focus op betaalbaarheid én uitvoerbaarheid en betere samenwerking tussen gemeente, corporaties, financiers en marktpartijen.
Vasthouden aan de oude bouwverdeling is catastrofaal voor de bouwproductie, hebben Pro Amsterdam en D66 te horen gekregen. Dan is 40% van de huidige bouwplannen niet meer haalbaar en dan zal de betaalbare bouwproductie zakken naar iets meer dan 3.000 woningen. Ook zal de vrije sector instorten naar minder dan 800 woningen. En van doorstroming zal geen sprake meer zijn.
Marktpartijen bejubelen de aanpak van D66: dan kan sprake zijn van jaarlijks 9.000 woningen, waarvan 6.300 in het sociale en middensegment. Doorstroming krijgt een push door een grotere productie in de vrije sector. De ontwikkeling van het sociale programma moet daarbij in handen worden gelegd van de Amsterdamse woningcorporaties.
Ook doen ze een aantal aanbevelingen. Doorstroming moet centraal komen te staan in het woonbeleid. Corporaties moeten daarom in staat worden gesteld woningen te verkopen. Ook vragen marktpartijen om minder regels en meer stabiliteit. ‘Alleen wanneer projecten financieel uitvoerbaar blijven en procedures voorspelbaar zijn, kunnen investeringen op schaal plaatsvinden en blijft er voldoende productie om zowel betaalbare woningen als doorstroming mogelijk te maken’, aldus Aarts, Meurs en Van Winnen.
Naar verwachting presenteren Pro en D66 begin volgende maand het nieuwe college-programma. Ook dan zal duidelijk worden welke bestuurders verantwoordelijk worden voor Volkshuisvesting, Stedelijke Ontwikkeling en Grondzaken.
