Ondanks de aanhoudende krapte op de woningmarkt wordt de vraagprijs voor koopwoningen vaker en snel verlaagd, zo blijkt uit onderzoek van Dynamis. Het leverde een top 10 gemeenten met de meeste prijsverlagingen op.
Dynamis deed onderzoek naar de prijsvorming in gemeenten met minimaal 20.000 inwoners. In het tweede kwartaal van 2026 werd bij 8,9% van deze verkochte woningen de vraagprijs verlaagd, tegen 7,5% een jaar eerder. Sinds het tweede kwartaal van 2025 ligt het aandeel prijsverlagingen ieder kwartaal hoger dan in dezelfde periode een jaar eerder.
Opvallend is dat verkopers niet alleen vaker, maar ook sneller ingrijpen. In het tweede kwartaal van 2024 werd een vraagprijs gemiddeld na 104 dagen aangepast. Twee jaar later is dat teruggelopen tot 94 dagen. De gemiddelde prijsverlaging bleef met 6,3%, ofwel circa € 39.300, vrijwel stabiel. Researchmanager Martijn Pustjens van Dynamis benadrukt dat de stijging van het aantal prijsverlagingen niet betekent dat de woningmarkt afkoelt. Volgens hem wordt de ruimte om met een ambitieuze vraagprijs de markt op te gaan wel kleiner. Woningen zonder prijsverlaging werden in het tweede kwartaal van 2026 gemiddeld nog altijd 5,3% boven de vraagprijs verkocht.
Vooral duur en vrijstaand
Vooral duurdere woningen zijn gevoelig voor prijsaanpassingen. Bij woningen vanaf €1 mln werd in 20,8% van de gevallen de vraagprijs verlaagd. In het segment tot € 300.000 lag dat aandeel op 7,4%. Ook vrijstaande woningen vallen op: daar werd bij 17,8% van de transacties de vraagprijs naar beneden bijgesteld.
Volgens Dynamis betekent de stijging van het aantal prijsverlagingen niet dat de woningmarkt afkoelt. Wel wordt de ruimte voor het hanteren van een ambitieuze vraagprijs kleiner. Woningen die zonder prijsverlaging werden verkocht, realiseerden in het tweede kwartaal van 2026 nog altijd een verkoopprijs die gemiddeld 5,3% boven de vraagprijs lag.
Top 10 gemeenten meeste prijsverlagingen
- Sluis – 36,6%
- Veere – 33,3%
- Bergen (NH) – 26,0%
- Bunschoten – 23,4%
- Wassenaar – 22,3%
- Hulst – 22,2%
- Goeree-Overflakkee – 21,2%
- Schouwen-Duiveland – 20,7%
- Wijdemeren – 20,0%
- Oldenzaal – 19,9%
Zeeland noteert ook op provinciaal niveau de meeste prijsverlagingen. Sinds begin 2023 werd daar bij 16,2% van de verkochte woningen de vraagprijs verlaagd. Volgens Dynamis speelt daarbij mee dat recreatiewoningen en woningen voor recreatieve verhuur door fiscale wijzigingen minder aantrekkelijk zijn geworden voor beleggers, terwijl de vraag vanuit kopers beperkter is dan in de Randstad.
Oosten houdt stand
Aan de andere kant van het spectrum staan vooral gemeenten in de Achterhoek. In Aalten werd bij slechts 1,6% van de woningen de vraagprijs verlaagd. Ook Doetinchem (4,5%) en Zutphen (4,6%) behoren tot de gemeenten met de laagste percentages.
Dynamis verwacht dat prijsverlagingen de komende tijd vaker onderdeel worden van het verkoopproces. Door stijgende hypotheekrentes neemt de betaalbaarheid af, terwijl de prijsstijgingen op de woningmarkt minder hard gaan. Dat hoeft volgens de onderzoekers niet direct te leiden tot dalende woningprijzen, maar wel tot een realistischer prijsniveau bij verkopers.
