Vaak wordt de vastgoedwereld verweten in zichzelf gekeerd te zijn.
Door Wabe van Enk
Gepubliceerd in PropertyNL Magazine nr. 4, 26 april 2018
Daarom nu aandacht voor twee mensen die niet zo snel een Mipim, een RICS-diner of een Provada zullen bezoeken.
De eerste is Ronald Wuijster, net benoemd in de raad van bestuur van APG en als hoofd assetmanagement verantwoordelijk voor € 475 mrd aan beleggingen. Ik wed dat bij alle vastgoedmeetings niemand dat evenaart. Wuijster heeft het niet makkelijk, want aandelen en obligaties zijn zo hoog geprijsd dat er nauwelijks groeiperspectief is. Daarom heeft hij zijn hoop gevestigd op real assets (vastgoed, infrastructuur en grond). Dat is belangrijke informatie voor de markt, want een kleine wijziging betekent bij Wuijster miljarden meer of minder. Op zich is het groot nieuws dat APG voortaan meer in (direct) vastgoed wil beleggen.
Aan de andere kant, deze editie Financiers maakt dat extra duidelijk, is er aan geld geen gebrek. APG komt op een overvolle markt. Het is de kunst om niet als zoveelste partij op een kantoor op de Zuidas te gaan bieden, maar een nieuw vastgoedproduct uit te zoeken. De vastgoedsector richt zich traditioneel op een klein deel van de gebouwenvoorraad. Met scholen, ziekenhuizen en zorgvastgoed is nog veel te winnen, alleen moet het vastgoed wel een product ontwikkelen dat aantrekkelijk is voor partijen zoals APG.
Dezer dagen liet ook een andere buitenstaander zich horen, namelijk Jan Hommen. Cor van Zadelhoff zette zijn traditie voort om outsiders op zijn verjaardag uit te nodigen en dit keer viel de keuze op supercommissaris en oud-ING-topman Hommen. Hij kan als geen ander het vastgoed een spiegel voorhouden. Hij is vooral bekend als de grootste verkoper van vastgoed uit de geschiedenis, want hij saneerde bij ING een portefeuille van € 125 mrd. Hommen weet wat er gebeurt als de remmen van de markt losgaan: geld kost niks en het is overal beschikbaar. Daarom stelt hij beleggers als eis dat je niet alleen de risico’s op renteverhoging meeneemt, maar ook dat je de teruglopende beschikbaarheid van kapitaal incalculeert. Dat laatste is het moeilijkst. Pas als vastgoed twee recessies heeft overleefd, kan het in zijn ogen als een goede belegging gelden.
Met de tegendraadse meningen van Wuijster en Hommen blijft vastgoed een moeilijk vak. De eerste wil voor miljarden kwijt in stenen, maar als vastgoedbeleggingen moeten renderen volgens de Hommen-doctrine, dan wordt de spoeling erg dun.
