Het leek de Amsterdamse woningcorporatie Stadgenoot wel zo eerlijk om een verhuisvergoeding van bijna € 7.500 weg te strepen tegen € 7.900 huurachterstand van een huurder. De rechter vindt van niet en oordeelt dat de woningcorporatie de verhuisvergoeding moet betalen.
De huurder woonde sinds 2019 in een jongerenflat van Stadgenoot en bouwde in de loop der jaren een forse huurschuld op. Met de woningcorporatie werd een betalingsregeling afgesproken, maar de vrouw zou slechts € 50 per maand kunnen missen. Dat bedrag kon volgens de bewindvoerder van de huurder niet omhoog, aangezien de komst van een baby nog eens extra geld opslokte.
Als de huurder eind 2024 uit de flat, die op de nominatie staat voor sloop, moet vertrekken, heeft ze recht op bijna € 7.500 aan verhuisvergoeding. Omdat Stadgenoot dit bedrag wil verrekenen met de uitstaande schuld, spant de vrouw een rechtszaak aan.
De betalingsregeling zit Stadgenoot nu in de weg, zo blijkt uit het vonnis van de rechter. De woningcorporatie kan niet zonder meer de verhuisvergoeding wegstrepen, omdat er in een eerder stadium al afspraken over terugbetaling zijn gemaakt. De mogelijkheid dat de vrouw in de schuldsanering belandt en er nauwelijks iets overblijft voor de woningcorporatie, doet ook niet ter zake. De verhuisvergoeding en de huurschuld moeten als twee verschillende entiteiten worden gezien, oordeelt de rechter.
