AMSTERDAM - De totale directe investeringen in winkelvastgoed op het Europese vasteland kwamen in het eerste kwartaal van 2009 uit op €980 mln, 37% minder dan in het vorige kwartaal (€1,5 mrd). Dat blijkt uit de meest recente cijfers van Jones Lang LaSalle. Nederland is na Italië en Duitsland het meest actief met €113,6 mln totale directe investeringen
AMSTERDAM - De totale directe investeringen in winkelvastgoed op het Europese vasteland kwamen in het eerste kwartaal van 2009 uit op €980 mln, 37% minder dan in het vorige kwartaal (€1,5 mrd). Dat blijkt uit de meest recente cijfers van Jones Lang LaSalle. Nederland is na Italië en Duitsland het meest actief met €113,6 mln totale directe investeringen
West-Europa was verantwoordelijk voor verreweg de meeste transacties (89%) doordat Europese investeerders zich steeds meer richten op hun thuismarkt. Het aandeel van de investeringen in winkelvastgoed door binnenlandse investeerders is toegenomen van een derde in 2008 tot meer dan de helft in het 1e kwartaal 2009.
Richard Dallinga, directeur Retail van Jones Lang LaSalle in Nederland: “Investeerders op het Europese vasteland hanteren nog steeds een ‘afwachtende’ strategie. Op de meeste markten toont het eerste kwartaal een daling in de prijzen. Tegelijkertijd wordt de liquiditeit op de markt nog steeds beperkt door de hoge kosten van financiering en het gebrek aan financieringsmogelijkheden, met name voor grotere transacties.”
In Nederland bedroegen de totale directe investeringen in winkelvastgoed €113,6 mln in het eerste kwartaal van 2009. Met 12% van het totale transactievolume in Europa was Nederland, na Italië en Duitsland, de meest actieve markt. Door een aantal grote deals, waaronder Winkelcentrum Overvecht in Utrecht en Fase III van Batavia Stad in Lelystad, heeft de winkelbeleggingsmarkt het goed gedaan ten opzichte van de gehele vastgoedbeleggingsmarkt in Nederland gedurende het eerste kwartaal. Dallinga: “Er is momenteel voldoende aanbod van winkelvastgoed in Nederland beschikbaar . Investeerders hanteren echter ook in Nederland een ‘afwachtende’ strategie, speculerend op dalende prijzen en de beperkte beschikbaarheid van financieringsmogelijkheden.”
Italië en Duitsland waren de meest actieve markten op het Europese vasteland en namen respectievelijk 31% en 28% van het totale transactievolume voor hun rekening.
