De Vromraad probeert met het rapport ‘Tijd voor keuzes’ de discussie over de woningmarkt weer aan te zwengelen. De hypotheekrenteaftrek moet worden afgeschaft, maar de huurtoeslag ook. Het is volgens de adviseurs tijd voor een verruiming van het aanbod en een eigendomsneutraal beleid. De grootste verdienste is dat het rapport de kwestie integraal behandelt en er geen politiek issue van maakt. Gepubliceerd in Propertynl Magazine 2007 nr. 17
De Vromraad probeert met het rapport ‘Tijd voor keuzes’ de discussie over de woningmarkt weer aan te
zwengelen. De hypotheekrenteaftrek moet worden afgeschaft, maar de huurtoeslag ook. Het is volgens
de adviseurs tijd voor een verruiming van het aanbod en een eigendomsneutraal beleid. De grootste
verdienste is dat het rapport de kwestie integraal behandelt en er geen politiek issue van maakt.
Gepubliceerd in Propertynl Magazine 2007 nr. 17
door Lucas Ligtenberg
Iedereen lijkt het erover eens te zijn dat de
problemen op de woningmarkt zo groot
zijn, dat er iets moet gebeuren. Alleen de
beslissers van het kabinet hebben de kwestie
tijdens de formatie terzijde geschoven
als te politiek riskant. Er zal dus de komende
drie jaar niets structureels gebeuren en
het is nog afwachten wat er daarna gebeurt.
Om de woningmarkt weer gezond te maken
moeten ingrijpende maatregelen worden
genomen, zo laat de Vrom-raad weten in
het rapport ‘Tijd voor keuzes’. De hypotheekrenteaftrek
kost de overheid jaarlijks
€ 10 mrd en veroorzaakt een welvaartsverlies
van € 800 mln tot € 2 mrd. Die kostenpost
van € 10 mrd wordt ook alleen maar groter.
Het huidige beleid benadeelt bovendien de
lagere inkomens. Die aftrek zou dus moeten
worden afgeschaft. Het eigen-woningforfait
en de overdrachtsbelasting moeten
op termijn ook allemaal verdwijnen. Aan de
andere kant moeten locatiesubsidies, woontoeslagen
en andere stimuleringsmaatregelen
gericht worden ingevoerd, zodat de
doorstroming wordt bevorderd. Want, zoals
al vaak is gezegd, de woningmarkt zit op
slot. En het kabinet heeft de sleutel in de
Hofvijver gegooid.
Het voordeel van de beslissing van dit kabinet
om het woningmarktbeleid even links
te laten liggen is dat het nadenken erover
even uit de politieke sfeer is gehaald. Dat
is overigens geen kwaliteit van dit kabinet
maar een geluk bij een ongeluk. Het positieve
gevolg daarvan is dat na het verschijnen
van het rapport de reacties niet worden
gedomineerd door politieke hoofden in de
media en one-liners maar door een discussie
over de inhoud.
In vergelijking met de meeste EU-landen
slaat Nederland op het gebied van de
woningmarkt een modderfiguur. Hoezo
markt? De prijs stijgt en het aanbod daalt.
Terwijl de koopprijs bij ons in de periode
1995-2001 met bijna 10% per jaar? stijgt
daalt het aantal gebouwde huizen met 22%.
Voor wat betreft de prijsstijging werden we
alleen geklopt door Ierland (+13%). Wat
betreft de daling van de productie maakte
alleen Luxemburg het bonter (-40%). Zwak
is dat de cijfers van zo lang geleden zijn,
maar in Nederland is er intussen niet veel
veranderd.
Wat moet er gebeuren? Huren en kopen
moeten een gelijke behandeling krijgen en
we moeten af van het idee dat huizenbezit
beleidsmatig gezien per definitie iets nastrevenswaardigs
is. Maar vooral moeten vraag
en aanbod op elkaar worden afgestemd.
Dat kan door de vraag te sturen met een
systeem van gerichte huur- of kooptoeslagen,
maar ook door het aanbod te bevorderen
met meer bouw, subsidies op moeilijke
(binnenstedelijke) locaties.
Op 15 november organiseert de Vromraad
een symposium waarvoor ‘Tijd
voor keuzes’ als uitgangspunt dient. De
bevindingen daar gaan naar de ministerraad.
De SER werkt ook aan een advies
over de woningmarkt en uiteraard hoopt
de Vromraad dat de conclusies van zijn
rapport worden overgenomen. Er zal niets
op stel en sprong gedaan worden en dat
was ook niet te verwachten, maar een begin
is gemaakt. Het enige bezwaar is, wat een
van de opstellers van het rapport, onderzoeker
Peter Boelhouwer, ook opmerkte bij
de presentatie, dat de aanpak defensief is
ingezet. Verworvenheden als hypotheekrenteaftrek
en huurtoeslag kunnen niet zomaar
verdwijnen. Oplossingen bedenken voor de
woningmarktproblematiek betekent vooral
eerst afscheid nemen van de status quo.
Dat is om te beginnen al een hele kluif.
