In februari bleef de gemiddelde orderportefeuille in de totale bouwnijverheid ten opzichte van vorige maand stabiel op een niveau van 11,3 maanden werk.
Dat blijkt uit de meest recente conjunctuurmeting van het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB). Ook in januari was er geen beweging in de gemiddelde orderpositie van bouwbedrijven.
Werkvoorraad woningbouw ruim een jaar
De gemiddelde werkvoorraad in de totale burgerlijke en utiliteitsbouw is in februari licht toegenomend: met 0,1 maanden tot een niveau van 12,8 maanden. In de woningbouw nam de orderportefeuille in dezelfde mate toe; die staat nu op 14,1 maanden werk. De gemiddelde werkvoorraad in de utiliteitsbouw liep met 0,2 maand op tot 10,9 maanden.
In de totale grond-, water- en wegenbouw is de werkvoorraad wat kleiner: de orderportefeuilles stonden daar in februari op 8,8 maanden werk. In de grond- en waterbouw daalde de gemiddelde orderportefeuille met 0,3 maand en kwam uit op 9,6 maanden werk. In de wegenbouw nam de werkvoorraad met 0,1 maand toe tot 8,1 maanden werk.
Personeelstekort en gebrek aan orders
Net als in januari gaf 40% van de bouwbedrijven aan aan belemmeringen te ondervinden bij de productie, vooral door personeelstekorten. Een deel van de bouwbedrijven geeft daarnaast aan een gebrek aan orders te ervaren. De productie is in de afgelopen drie maanden bij ruim 15% van de bedrijven toegenomen en bij 10% van de bedrijven afgenomen. Van de bouwbedrijven beoordeelde ongeveer 20% de orderpositie als groot, terwijl 10% van de bedrijven de orderpositie als klein beoordeelde.
Prijsstijgingen verwacht
Een op de vijf bedrijven verwacht dat de personeelsbezetting zal toenemen in de komende drie maanden, terwijl nog geen 5% van de bedrijven juist een kleinere bezetting verwacht. In de bouwnijverheid verwacht ruim 35% van de bedrijven een prijsstijging in de komende drie maanden.