Het kabinet wil een registerplicht en wettelijke gedragsnormen invoeren voor woningmakelaars.
Makelaars moeten zich straks registreren en voldoen aan wettelijke gedragsnormen. Dat wil het kabinet althans, dat met regulering van de makelaardij komt omdat misstanden momenteel ‘niet structureel en tijdig gecorrigeerd’ worden.
Er zijn al langer politieke zorgen over makelaars die over de schreef gaan. ‘Negatieve ervaringen met makelaars komen te vaak voor’, stelt woonminister Elanor Boekholt-O’Sullivan (D66).
Bij een meldpunt van de Vereniging Eigen Huis (VEH) kwamen honderden meldingen binnen van voorkeursbehandelingen, onduidelijke biedprocedures of druk om hoger te bieden. Het ministerie liet het Verwey-Jonker Instituut onderzoek doen naar ervaringen met makelaars. Ruim een kwart van de ondervraagden had negatieve ervaringen.
De afgelopen jaren heeft de sector zelf plannen gemaakt om wantoestanden tegen te gaan. Maar deze afspraken zijn ‘onvoldoende opgevolgd’, concludeert de minister. ‘En dus heb ik besloten in te stappen’, zegt Boekholt-O’Sullivan tegen het FD.
Regulering is volgens haar nodig, maar ook ingrijpend. De registerplicht is van de mogelijke ingrepen ‘de meest kansrijke optie om misstanden binnen de makelaardij aan te pakken en het handelen van makelaars te verbeteren’, vindt de minister.
Centraal register
In de praktijk betekenen de kabinetsplannen dat makelaars verplicht zijn zich in een centraal register in te schrijven. Daarmee zijn ze aan wettelijke normen gebonden, vergelijkbaar met de makelaarscode in België.
De normen schrijven voor dat makelaars transparant moeten zijn (bijvoorbeeld over het biedproces), de juiste en correcte informatie tijdig moeten geven (bijvoorbeeld over de fundering van een woning) en potentiële kopers gelijk moeten behandelen (zoals kopers met en kopers zonder aankoopmakelaar).
Makelaars worden verplicht zich aan te sluiten bij de Geschillencommissie. Een van de problemen is dat veruit de meeste mensen geen melding doen na een negatieve ervaring. Verplichte aansluiting bij de commissie geeft consumenten ‘een laagdrempelige mogelijkheid om klachten over de dienstverlening van makelaars voor te leggen en te laten beoordelen’.
Een uiterste sanctie is dat een makelaar uit het register wordt gezet. ‘Anders dan in de huidige situatie kan deze makelaar zich vervolgens niet alsnog als ongebonden makelaar op de markt blijven aanbieden’, schrijft de minister. ‘Daarvoor is inschrijving in het register immers noodzakelijk.’
‘Heel veel makelaars doen hun werk naar eer en geweten en hebben een eerlijk proces’, licht Boekholt-O’Sullivan toe. ‘Op deze manier zorgen we ervoor dat er weinig verandert voor makelaars die te goeder trouw zijn.’
Wel komen de kosten van de regulering voor rekening van de branche, zegt de minister.
Verdere uitwerking
Boekholt-O’Sullivan werkt haar plan nog uit. Zo is nog niet duidelijk of ook huurmakelaars onder het register gaan vallen. De ‘directe aanleiding’ zijn klachten over aan- en verkoopmakelaars. Maar, schrijft de minister, ‘ook binnen de verhuurmakelaardij zijn er signalen van ongewenst gedrag’.
De minister gaat de makelaardij en andere betrokken partners nog uitnodigen om over haar voorstel te praten. Wanneer het register er officieel komt, is nog niet duidelijk. Ze wil haar voorstel begin volgend jaar hebben uitgewerkt en naar de Kamer sturen.
De minister erkent dat de sector zelf heeft ingegrepen om wantoestanden terug te dringen. Zo zijn er afspraken gemaakt tussen makelaarsverenigingen, het ministerie en de VEH. Ook kwam er een biedlogboek dat makelaars bij een beroepsvereniging verplicht zijn te gebruiken. Maar ze concludeert dat ‘zelfregulering te weinig corrigerend vermogen kent’ om genoeg verbetering te zien in de sector.
Eerder deze maand riep beroepsvereniging NVM op tot ‘wettelijke normen voor woningmakelaars’. ‘Niet alleen voor NVM-leden, maar voor iedereen die het beroep uitoefent.’ De PVV heeft een wetsvoorstel aangekondigd. De minister wil samen met PVV-Kamerlid Jeremy Mooiman optrekken, zegt ze in de brief.
