Om de koopstarter te helpen en malafide verhuurders tegen te werken, voerde de overheid de opkoopbescherming in. Woningen kopen om die te verhuren mocht pas na toestemming van de gemeente.
De opkoopbescherming wordt nu aangepast en wel zodanig dat opkoopbescherming alleen nog mag worden toegepast om de leefbaarheid in een wijk te vergroten, aldus minister Elanor Boekholt-O'Sullivan in een brief van 16 oktober aan de Tweede Kamer. Dus het instrument kan voortaan worden toegepast om een evenwichtigere verdeling in een wijk te bewerkstelligen.
Gemeenten moeten toepassing onderbouwen en de prijsgrens wordt waarschijnlijk gesteld op de gemiddelde WOZ-waarde.
De wijzigingen zijn ingegeven door veranderingen in de markt. De koopstarter heeft kennelijk weinig baat bij de opkoopbescherming en malafide verhuurders worden aangepakt via de Wet goed verhuurderschap. Intussen zijn kleine woningverhuurders aan het uitponden en blijven er misschien te weinig huurwoningen over voor de koopstarter die telkens net achter het net vissen. Dat was ook niet de bedoeling.
‘Voor professionele verhuurders bieden de wijzigingen mogelijk meer ruimte, met name doordat een brede toepassing van het instrument moeilijker wordt,’ schrijft Claudia van Meurs-Janssens, huurrechtadvcoaat bij Act legal op haar LinkedIn.
