Eigenaar hotel Schiermonnikoog moet koopovereenkomst nakomen

Hotel Duinzicht op Schiermonnikoog moet nog dit jaar worden opgeleverd aan koper GTE Real Estate, oordeelt de voorzieningenrechter. Ook al ziet verkoper Gilles Harthoorn uiteindelijk belanghebbende Wim de Vries niet zitten. 

Achter GTE Real Estate zit de Groningse vastgoedbelegger Wim de Vries; zijn dochter is de bestuurder. Harthoorn sloot via de BV die hij samen met zijn ex-vrouw heeft in maart een deal met het Groningse Chateauneuf Vastgoed over de verkoop van zijn hotel via een aandelentransactie, maar kwam er later achter dat hij feitelijk met GTE en indirect De Vries zaken deed. En dat wil hij niet.

De hoteleigenaar wilde in eerste instantie van de verkoop en de beoogde overnamedatum van 1 juni af omdat het hotel gesplitst zou worden en de kamers individueel zouden worden verkocht als onderdeel van een gezamenlijke short-stayformule. In mei keerde Harthoorn op zijn schreden terug: hij wilde toch wel verkopen omdat hij 'zijn toekomstpad uiteindelijk elders ziet liggen', zo schreef zijn advocaat. 

Slechte naam prangend punt

In juli volgden nieuwe afspraken met een uiterste leverdatum van 31 december 2026. Maar diezelfde maand nog kwam er een nieuwe wending, want Harthoorn beriep zich op dwaling. Er was verzwegen dat De Vries de uiteindelijk belanghebbende is van GTE Real Estate. Die is naar de rechter gestapt om de verkoop alsnog af te dwingen met een kort geding. De voorzieningenrechter constateert als 'meest prangende punt' dat De Vries 'een bijzonder slechte naam heeft, terwijl [Harthoorn] als voorwaarde heeft gesteld dat de uiteindelijke koper van 'good standing' moet zijn zodat zij met een gerust hart haar hotel en het personeel en klanten in goede handen kan achterlaten.'

Koopovereenkomst geldig

Na de aanvankelijke ondertekening van de eerste verkoopovereenkomst is Harthoorn later toch verder gaan praten over een aandelentransactie. 'In die zin is derhalve voortgeborduurd op de koopbevestiging en was het voor [Harthoorn] volstrekt duidelijk dat [Chateauneuf] bevoegd was op te treden namens een derde en dat zij [Harthoorn] voor het verdere verloop (tevens) als verkoper aanmerkte en mocht aanmerken.' De rechter vindt het aannemelijk dat in een bodemprocedure zal worden geoordeeld dat tussen GTE Real Estate en de BV van Harthoorn op 3 juli een koopovereenkomst tot stand is gekomen. Daarin staat dat de verkoper beoogt nog dezelfde week digitaal te ondertekenen en dat Chateauneuf gedurende het gehele traject volledig vrij zal zijn om het hotel te verkopen en naar een nieuwe exploitant te zoeken.

Argument kwam te laat

Dat de koper van 'good standing' zou moeten zijn, staat nergens op papier. In mei was duidelijk dat GTE Real Estate de koper van de aandelen zou zijn. En toen is alsnog het verkooptraject voortgezet: Chateauneuf en GTE Real Estate mochten er daarom van uitgaan dat geen essentiële voorwaarden werden gesteld aan de kopende (rechts)persoon, oordeelt de rechter. Het beroep op dwaling uit juli komt bovendien als een boemerang terug: 'Dat duidt erop dat [Harthoorn] ervan uitging dat op dat moment reeds tussen partijen een overeenkomst tot stand was gekomen.' En toen kwam pas de opmerking over 'good standing' naar voren. Dat was te laat.

Koopprijs stond wel vast

Harthoorn brengt nog in het geding dat de koopprijs nog niet vaststaat, maar de rechter leest in de koopovereenkomst een koopprijs € 4,5 mln, minus een te bepalen percentage van de zogeheten VpB-belastinglatentie (nog te betalen belasting). 'Daarmee is naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter de koopprijs, respectievelijk de wijze van vaststelling daarvan, voldoende concreet bepaald.' De overeenkomst moet worden nagekomen, op last van een dwangsom van € 25.000 per dag.

Laatste nieuws

Evenementen