Het plan Stedenbaan voor de Zuidvleugel moet resulteren in projectontwikkeling rondom stations. De knooppunten van railverbindingen vormen in dit geval het uitgangspunt voor de ontwikkeling van kantoren, woningen en voorzieningen in plaats van andersom. Gepubliceerd in Propertynl Magazine 2007 nr. 18
Het plan Stedenbaan voor de Zuidvleugel moet resulteren in projectontwikkeling rondom stations.
De knooppunten van railverbindingen vormen in dit geval het uitgangspunt voor de ontwikkeling
van kantoren, woningen en voorzieningen in plaats van andersom.
Gepubliceerd in Propertynl Magazine 2007 nr. 18
door Annemieke Diekman
Eind vorige maand is het beleidsplan Stedenbaan
verspreid onder belanghebbenden,
waaronder ontwikkelaars. Het plan van
de acht partners (provincie Zuid-Holland,
gemeentes Den Haag en Rotterdam, stadsregio’s
Holland Rijnland, Midden-Holland,
Drechtsteden, Rotterdam en Haaglanden)
van de zogenaamde Zuidvleugel, moet circa
35 oude en nieuwe stations in 20 Zuid-Hollandse
plaatsen een frequente treinverbinding
geven en de directe omgeving van de
stations transformeren in een stedelijke
woon- en werkgebied.
‘De intentie is om een metro-achtige trein
6 keer per uur te laten stoppen bij de aangewezen
stations’, zegt Beeno Radema,
programmaleider ruimtelijke ontwikkeling
Stedenbaan. ‘Dit om een snelle doorstroom
te garanderen. Een metro stopt gemiddeld
zo’n 20 tot 30 seconden, een dubbeldekker
3 minuten. Op 10 haltes scheelt dat al behoorlijk
wat tijd.’
De frequente treinverbinding moet straks de
bewoners en werknemers faciliteren die in
de stationsgebieden komen wonen en werken.
Uit onderzoek blijkt dat er gigantisch
veel ruimte rond de stations zit, zo’n 3200
hectare, bijna het grondoppervlak van Delft
en Gouda samen. In het plan Stedenbaan
is dan ook de bouw van in totaal 25.000 tot
40.000 woningen en circa 1 miljoen m2 aan
kantoren voorzien. Dat is eenderde van de
hoeveelheid woningen en tweederde van
het aantal kantoren dat naar verwachting
in deze regio gebouwd zal worden in de
periode tot 2020. ‘De vastgoedwereld heeft
enthousiast gereageerd op de plannen zoals
ze nu zijn gepresenteerd’, aldus Radema.
‘Zowel ontwikkelaars, woningcorporaties
als beleggers. De uitvoering van Stedenbaan
zal plaatsvinden in pps-constructies
met marktpartijen. In december 2006 hebben
wij ontwikkelaars voor het eerst geïnformeerd
en dat willen wij jaarlijks blijven
doen om ze op de hoogte te houden van de
voortgang van het project.’
Het is niet zo dat er één groot consortium
komt dat het hele project gaat uitvoeren.
Ontwikkelaars moeten met elkaar gaan concurreren
op gemeenteniveau. Gemeenten
maken zelf een selectie uit ontwikkelaars
en tuigen samen met hen hun eigen ppsconstructie
op.
Gemeenten hebben zich sinds de eerste bekendmaking
van de plannen al op de grondmarkt
begeven, onder meer door grond op
verouderde bedrijfsterreinen in de buurt
van de stations te kopen. Ook verschillende
ontwikkelaars, van wie Radema verder geen
details kon verstrekken, zijn al bezig met
grondaankopen. ‘De nieuwe bebouwing
zal binnen de invloedssfeer van het station
worden gerealiseerd’, vervolgt Radema de
uiteenzetting van het plan Stedenbaan. ‘Na
uitvoerig onderzoek is vastgesteld dat die
wordt bepaald door een straal van gemiddeld
1200 meter rondom de stations.’
De woningen en kantoren zullen in eerste
instantie ontwikkeld worden op braakliggend
terrein. Ook wordt er waar mogelijk
aangestuurd op herontwikkeling van verouderde
bedrijventerreinen in de buurt van de
stations, zoals nu bijvoorbeeld gebeurt in de
Haagse Binckhorst. ‘Maar denk ook aan bijvoorbeeld
sportvelden, die niet perse naast
een station hoeven te liggen en wellicht
kunnen worden verplaatst’, licht Radema
toe.
Wat de rol van NS Poort, het vroegere NS
Vastgoed, in Stedenbaan wordt is vooralsnog
niet duidelijk. Bij NS Poort was niemand
beschikbaar om die rol toe te lichten.
Wel is helder dat het vastgoedbedrijf van de
NS aanzienlijke grondposities rond de stations
heeft.
Om het plan daadwerkelijk handen en
voeten te geven leggen de betrokken gemeenten
ze vast in structuurvisies, de oude
streekplannen. Ook wordt er met VROM
over nieuwe verstedelijkingsafspraken gesproken
en de daarmee samenhangende
rijkssubsidies.
De verspreiding van het plan Stedenbaan
heeft vrij lang geduurd, nadat bijna een
jaar geleden de eerste bekendmaking een
feit was. Radema beaamt dat, maar schrijft
het toe aan de trage besluitvorming die zo’n
omvangrijk project nu eenmaal kenmerkt:
‘Vooral over het bouwen van eenderde van
alle woningen op stationslocaties is lang gesteggeld.’
